‘Hooyo Ma’aan, de dag dat ik vrouw werd’ is een voorstelling van vier Somalische vrouwen over vrouwenbesnijdenis. Naar aanleiding van een conclusie van het kenniscentrum Pharos (Migraten laten hun dochters minder snel besnijden als ze weten dat vrouwenbesnijdenis verboden is), bekeek verslaggever Karin Alberts met Marja Exterkate van Pharos de voorstelling.
In de reportage een aantal fragmenten uit de voorstelling. Een vrouw vertelt dat haar nichtje familie op bezoek kreeg, uit Somalië. Ze moest besneden worden. “Een nieuwe jurk, schoenen, nieuwe sieraden,” zo werd ze overgehaald. “Alles erop en eraan.” Op het aanrecht is het nichtje besneden. “Mijn nichtje heeft drie weken niet buiten kunnen spelen.”
Het is een ‘prachtige, maar ook krachtige voorstelling’, volgens Exterkate. “De vrouwen speelden goed vanuit hun achtergrond.” Negatieve gevolgen komen ook in de voorstelling aan bod. Niet meer kunnen plassen, niet meer kunnen knuffelen. Naar aanleiding van die zin die meisjes overtuigt. “Ik ga jou vrouw maken vandaag.”
Volgens Alberts is de zin “Ik weet eigenlijk niet hoe ik ermee om moet gaan” één van de kernzinnen. Volgens Marja Exterkate komen de psychische en sociale gevolgen inderdaad in het stuk sterk naar voren. Maar het is een gemis dat dat in trainingen wordt overgeslagen. “Mensen hebben het er niet over, ze zwijgen.”
‘Hooyo Ma’aan, de dag dat ik vrouw werd’ is te zien bij het Rotterdams Wijktheater. De ‘reportage waar je stil van wordt’ te beluisteren op de site van de NOS.

Er zijn nog geen reacties op dit bericht
Reageer:
Op de hoogte van de reacties via de RSS 2.0 feed.