Op dit Fanlog doen wij verslag van de uitzendingen – wat aan de orde kwam en hoe we die vonden.
Wat we zo niet kwijt kunnen is de diepe bewondering die ons soms voor een bepaalde R1J-er bevangt.
Daarvan geven we blijk in de rubriek ‘Ode aan…’
door Jaap Vergouwen
Wanneer op een doordeweekse zomerdag verbinding wordt gelegd met het achterbalkon van een kapperszaak in Mazamet-Sud, dan weet je: Jeroen gaat ons over de Tour vertellen. Niet: verslag doen van – dat deed hij jarenlang als finishverslaggever in de equipe van Ferry de Groot – maar praten over de Tour.
Hoe? Jeroen neemt de temperatuur op, vanuit het hart van de Grand Boucle en praat met de mensen daar, noteert hún verhaal, de kapper voorop, de boerenknecht vlak daarna en ten slotte praten met het landschap zelf, hoe betoverend het uitzicht is vanaf het achterbalkon.
Jeroen laat ons meeproeven met wat hij ervaart als de ziel van de Tour. In de woorden van Louis Aragon: une fête de l’homme de l’été, een groot ouwe jongens zomerfeest. In de naoorlogse jaren noodzakelijke uitlaatklep voor een verpauperde en uitgemergelde bourgeoisie. Zo is de gekte daar begonnen. Feesten wilden de Fransen want losers voelden ze zich. Niet voor niets is Poulidor, eeuwige tweede en prototype loser, de populairste cyclist aller tijden in Frankrijk. Met hem kunnen ze zich identificeren.
Jeroens grote journalistieke voorbeeld: Antoine Blondin. Voor de oudere Tourliefhebber de legendarische chroniqeur van l’Équipe, die zich uitleefde in de meest plastisch denkbare metaforen, ontleend aan mythologie, krijgskunst en heldensage. De Tour gaat over bewegende fronten, vermetele mannen op fietsen, beeldschone decors en ouderwetse uitblinkers – al die elementen waar het in de donkere oorlogsjaren zozeer aan had ontbroken en door Blondin tot nieuwe hoogten opgevoerd.
Het is duidelijk, Jeroen is als journalist minder geïnteresseerd in snelle, kritisch-spannende ping pong interviewtjes met deze bobo of gene hotshot. In de beste angelsaksische traditie is hij met zijn brede literair cultureel historische belangstelling bij uitstek liefhebber van het verhaal, de achtergrond, sferen, geheimen. Van iets kleins iets moois maken, zoals vroeger de door hem bewonderde Nico Scheepmaker dat zo prachtig kon. De poète maudit van Hilversum wordt Jeroen wel genoemd, het Beest van de NOS ook wel, rake typeringen.
Jeroen = verhaal. Zijn stem daarbij doet soms denken aan die van Herman Kuiphof, beetje fluisterend, hees en plotselinge hoge uithalen, met moeite zijn enthousiasme onderdrukkend, bloemrijk formulerend, à la Blondin dus. En vooral zeer goed luisterend, want luisteren kan hij als geen ander, simpel omdat hij oprecht geïnteresseerd is.
Jeroen heeft soms trouwens een grappige manier van interviewen, namelijk: niet. Hij duwt de microfoon onder de neus van het slachtoffer en wacht wat er komt. Niet altijd levert dat iets op, vaak wel, spannend is het zeker.
Bij al zijn reizen, Amerika, Gaza, Parijs, Indonesië – altijd op zoek weer naar de vertelling, naar het geheim achter het geheim van…, naar de geur toen en toen. Snelle scoopjes, moppige verslagjes kunnen hem gestolen worden. Het is de documentaire aanpak die hem op het lijf geschreven is, zoals zijn boeken (de bekroonde Harry Muskee biografie, Chelsea Hotel, vele andere en vooral wielerboeken) alle zijn ingegeven door de gedachte: wat bezielt die mensen toch!
Onversneden nieuwsgierigheid naar binnenkant, motieven, bedoelingen, atmosfeer. Jeroen ten voeten uit.
De muziek die bij zijn postuur hoort? Bij voorkeur die van de melancholische soort, de blues dus, Moustaki, Engels/Amerikaanse gitaarrock, Rory Callegher, Amerikaanse roadmusic, Tony Joe White, dichters als Johnny the Selfkicker, Allen Ginsberg.
Man met hoedje en gitaar op het podium, die wars van alle claque, sober maar indringend z’n klemmende ballade voordraagt, dat is zo’n beetje het ideaalbeeld.
Vandaag op de kop af is hij 25 jaar werkzaam in het Hilversumse. Epicus en romanticus in de kortademige ambiance van de vaderlandse radioverslaggeverij, ooit straatverkoper van eigen foto’s om van de opbrengst weer on the road te kunnen gaan – natúúrlijk.
En ook, nog steeds: rebel:
“Het wordt allemaal nog platter en grijzer, is de klacht. Een Radio-1-Journaalitem mag niet langer meer dan drie minuten, vooral in de ochtend. Waar is de inhoud nog, waar is het verháál nog? Ik verbeeld me niks, maar soms denk ik wel eens: het wordt tijd voor een hilarische meirevolte in Hilversum. Niet om stenen te gooien, of zendermanagers te beschadigen, maar om kwaliteit te behouden, om degelijke, creatieve, informatieve, speelse, ouderwetse moderne uitzendingen te maken. Dan wordt het weer rozengeur en radio, in Hilversum.”
Wij hopen het samen met je, Jeroen.

1 Jeanne // Feb 10, 2009 at 8:27 am
een geweldige Ode, Jaap!
veel mooier dan ‘taart’ om zoiets te vieren
2 jeroen // Feb 10, 2009 at 10:42 am
Beste Jaap,
Ik ben geroerd, echt waar. Wat een spiegel.
Zo kan ik door!
Allez! De geest moet waaien wiz nozzing but ze blues!
Jeroen
3 Jaap // Feb 10, 2009 at 10:57 am
Go, Jeroen!
4 Hansje // Feb 10, 2009 at 11:36 am
Een prachtige ode, helemaal in de sfeer van Jeroen!
5 Joke den Daas // Feb 10, 2009 at 1:56 pm
Ik ken Jeroen als speciale vriend van mijn zus.
Het is heel boeiend om deze “lofzang” te lezen, hij is toch een beetje mijn zwager. Maar zo leer ik hem beter kennen, en dat is prettig, omdat de keren dat we elkaar spreken hij natuurlijk niet over zichzelf (en zeker niet zo) praat. Dat hij op deze manier iets na laat bij sportliefhebbers en vrienden en familie is heel bijzonder. Hij is gelukkig nog springlevend en een grote levensgenieter. Ga zo door Jeroen.
6 Hans-Wouter // Feb 10, 2009 at 2:18 pm
Wat een geweldig mooie ode, een juweeltje.
7 Brenda // Feb 10, 2009 at 4:25 pm
Een feest om te lezen. Dank aan Jeroen die ertoe inspireerde. Dank aan Jaap die het schreef.
8 Moniek // Feb 10, 2009 at 6:00 pm
wow – wat een mooie Ode!
en zoooooo verdiend!
9 Jeanne // Feb 10, 2009 at 6:25 pm
Govert van Brakel feliciteert Jeroen ook in de avonduitzending!
10 Jan // Feb 10, 2009 at 6:36 pm
Een geweldige ode. Ik volg de Tour zo vanaf de jaren vijftig. In het verhaal van Jaap herken ik zowel de sfeer en achtergrond van dat unieke gebeuren als de manier van doen van Jeroen. Jeroen verstaat de kunst je het te laten meebeleven. Hulde aan Jaap voor zijn ode en aan Jeroen die hem daartoe geinspireerd heeft. Bravo Jeroen!
11 Johan Dibbets // Feb 10, 2009 at 10:22 pm
Jeroen is een bonk,
Een blok radio.
een microfoon met een hart.
Een ziel met gevoel,
maakt radio met klote,
zo rouw als roch en roll
zo doorleefd als de bleus.
Mijn moeder denkt altijd, als jeroen uit de radio klinkt, dat ik het ben die spreekt op de radio.
Ik laat haar in de waan.
Mijn stemgeluid is de enige over een komst.
25 jaar bij de radio, dan ben je de radio zelf..
Johan Dibbets
12 Theo Postma // Feb 12, 2009 at 8:21 am
Ook hele mooie woorden, die van Johan. Prachtig hoor!
13 Bart Jansen // Feb 12, 2009 at 9:38 am
Geweldige ode voor een geweldig moment en een fantastische radioverslaggever.
Nu de tour nog naar Utrecht Jeroen!
We gaan het jedenfalls zaterdag een klein beetje vieren.
14 dick kamphuis // Mrt 2, 2009 at 12:01 am
Jeroen….
Vriend en kampioen
52 jaar jong…
spreken met de juiste tong
jeroen….
25 jaar on the road
en never nog niet dood
jeroen……
kampioen!
15 Frans Franke // Jul 9, 2010 at 7:45 am
Elke dag geniet ik van Jeroen hoe hij verslag doet van vele gebeurtenissen.b.v. of het nu koninginnedag 2010 is ,zijn collums , nu weer zijn tourbriefkaart met een geweldige stem,zijn inlevings vermogen,zijn diepte in achtergrond informatie. ik vind jeroen wielaert geweldig.succes Frans Franke.
16 Jan // Jul 12, 2010 at 2:13 pm
Ook ik volg de tour vanaf de vijftiger jaren. Jeroen heeft gevoel voor historie, achtergronden, sfeer. Nu de tour weer begonnen is, kunnen we daar dagelijks van genieten. En dan dat laatste boek van hem! Ga door, Jeroen!
Reageer:
Op de hoogte van de reacties via de RSS 2.0 feed.